1.Recreatie

Natuurkern en Schil

 Wat is het recreatieve doel van De Maashorst?

De Maashorst is een natuurgebied met recreatieve waarden De natuur staat voorop, met maximale ruimte voor de recreant. Het doel is een hoogwaardige recreatieve infrastuur met een optimale natuurbeleving, die veilig is, geen onderlinge hinder tussen verschillende groep recreanten oplevert, die goed kan worden beheerd en waarbij de natuurwaarden in stand worden gehouden en uitgebreid.

Waarom rust in de kern? Wat wordt verstoord door wandelaar, fiets of paard?

De rust is voor de dieren, met name broedvogels en bijvoorbeeld reeën. Maar ook recreanten vinden het fijn als er rust is.

 Wat wordt verstaan onder recreëren in de natuurkern?

Onder recreëren in de natuurkern wordt verstaan: wandelen, fietsen, hardlopen, struinen, etc. Ook voor ruiters en menners zijn er routes die door de kern lopen.

Op de Routekaart Maashorst staan de bestaande en inmiddels nieuw gerealiseerde routes. Daarnaast zijn er ook veel paden die ook gebruikt kunnen worden door alle gebruikers. Het gebruik van alle paden is onderwerp van gesprek in het gebruikersoverleg.

In een brief naar de raad is gecommuniceerd dat bestaande evenementen mogelijk blijven in het gebied. Gaat dat om alle bestaande evenementen?

Er wordt gewerkt aan een integraal evenementenbeleid voor De Maashorst. Zolang dat er niet is, geldt het huidige beleid van de verschillende gemeenten. 

De aanplant van bomen ziet er willekeurig uit. Zit er logica en structuur in de aanplant van bomen?

De knotberken in het buitengebied Bernheze en Maashorst zijn een onderdeel van het dreven en driften project. Deze zijn op vele plaatsen geplant in groepjes van 3. Ze zullen beheerd worden als knotberken. Vroeger typisch iets van deze streek; dit is ook te zien op schilderijen van Van Gogh.

In meer algemene zin, spelen bij de locatiekeuze drie factoren een rol:
1. Verspreiding
Er worden in de schil en in de natuurkern soorten aangeplant die horen bij het natuurlijkere bostype (winterlinde, haagbeuk, esdoorn, beuk en iep) maar nu nog maar beperkt aanwezig zijn of geheel ontbreken. Daarnaast wordt gefocust op het herstel van de nutriëntenpomp. Door het aanplanten van rijk strooiselsoorten (linde, zoete kers, gewone esdoorn) worden de voedingsstoffen uit de bodem opgenomen, waarna deze in de herfst door bladval over de bodem worden verspreid.
We streven naar een zodanige verspreiding dat elke belangrijke soort op elke kwart hectare bos aanwezig is. Als deze zaadbomen volwassen zijn, zorgen zij voor de verdere verspreiding. De natuur selecteert zelf waar de verschillende boomsoorten uiteindelijk op hun plaats zijn.
2. Lichtsituatie
De soorten die lichttolerant zijn, worden geplant in de open plekken. De meeste soorten van het gewenste natuurlijkere bostype groeien in de halfschaduw. Deze soorten worden niet op de open plekken, maar onder de beschutting van het bestaande (half open) kronendak geplant. Daar waar het kronendak te veel schaduw geeft, worden eerst bomen geringd of gedund.
3. Plantomstandigheden
Op plekken met veel tak- en tophout of een dichte struikenlaag wordt bij voorkeur niet geplant omdat de plantomstandigheden daar moeilijk zijn. Als het niet anders kan, uit oogpunt van verspreiding, wordt tak- en tophout verplaatst, en struiken afgezet om een plantplek te creëren. Maar dit wordt uit kostenoogpunt zoveel mogelijk voorkomen.
In de natuurkern wordt met dit laatste punt anders omgegaan. Hier wordt juist in de beschutting van liggende kronen en (braam)struwelen geplant zodat het plantsoen de eerste jaren is beschermd tegen vraat van de grote grazers.

Routes en Paden

 Waarom is in het Inrichting en Beheerplan vastgesteld dat gebruikers op de eigen paden/routes moeten blijven?

Ten tijde van het opstellen van het IBeP zijn 19 interviews gehouden met vertegenwoordigers van de verschillende soorten gebruikers van de Maashorst over het gebruik van De Maashorst in relatie tot natuur. Hieruit kwam naar voren dat verschillende gebruikersgroepen behoefte hadden aan eigen routes in verband met veiligheid. Ook werd duidelijk dat er meer ruimte moest komen voor recreatie.  Het resultaat hiervan was dat recreanten de ruimte krijgen in de natuurschil op een eigen routestructuur voor ieders veiligheid en ter bescherming van de natuur. Overigens geeft de Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie in hun leidraad voor ontwerp en inrichting, ook aan dat scheiding van routes van verschillende recreatievormen aan te bevelen is om risico’s te voorkomen.

 Wat is het verschil tussen paden en routes?

Routes zijn bewegwijzerde paden. Een weg of pad waarop gefietst of gelopen kan worden is nog geen route. Paden zijn verhard of onverhard en hoeven niet perse gemarkeerd of bewegwijzerd te zijn. Er zijn dus meer paden dan routes. Een route maakt gebruik van paden en wegen om daar een netwerk van te maken. Een routenetwerk is het totaal van gemarkeerde of bewegwijzerde routes.

Waarom ligt er over sommige paden een boomstam?

In de Maashorst ontstaan steeds nieuwe paden door gebruikers. Hierdoor worden de faunarustgebieden steeds kleiner. Zo nu en dan worden dan weer paden afgesloten, zodat de natuur zich weer kan herstellen en ontwikkelen en de dieren weer plekken hebben om zich terug te trekken.

Moet elke gebruiker op zijn eigen aangewezen route blijven?

We stimuleren de recreanten in De Maashorst om op de eigen gemarkeerde routes te blijven. Wij leggen goede gescheiden routes aan. Fietsers, mountainbikers, wandelaars, ruiters en menners beschikken over een eigen hoogwaardige routestructuur.

Indien recreanten gebruik willen maken van andere routes of paden, dan mag dit. Het kan echter leiden tot onveilige situaties, hinder voor andere recreanten of schade aan de natuur en paden en routes. Dit is onderwerp van gesprek bij het gebruikersoverleg.

De verantwoordelijkheid van het gebruiken van andere routes en paden, ligt bij de gebruiker.
Mocht in de toekomst blijken dat deze uitgangspunten voor recreatie tot te veel klachten leiden, dan gaan we deze uitgangspunten herzien.

 Levert het benoemen van routes (ruiter, MTB etc) en tegelijkertijd gedogen van gezamenlijk gebruik niet juist onduidelijkheid en botsingen op?

Om dit te voorkomen, bespreken we in het gebruikersoverleg, welke maatregelen we moeten treffen. Goede communicatie is van belang, maar de gebruikers onderling moeten ook rekening houden met elkaar. In Herperduin zijn daar goede ervaringen mee. Overigens volgen we in het gebruikersoverleg hoe dit gaat en over een paar jaar evalueren we het. Indien er te veel klachten komen, dan gaan we deze uitgangspunten herzien.

Waar komen de routes?

Er zijn al heel veel routes in de Maashorst. Indien het nodig is passen we routes aan of maken we nieuwe routes. De bewegwijzerde routes liggen vooral in de natuurschil en aansluitend op de woonkernen. Op basis van de zoneringsgedachte willen we routes zoveel mogelijk concentreren in de randen, natuurschil en aansluitend op de woonkernen, en niet in de natuurkern. Dat doen we niet alleen voor de natuur, maar ook voor de recreatie, want er zijn ook recreanten die willen genieten van de rust.

Blijft de natuur in De Maashorst wel behouden als er zoveel ruimte is voor recreatie?

Er moet een balans gevonden worden tussen natuur en recreatie. De Maashorst is een natuurgebied, waar de recreant te gast is. Het is zowel op provinciaal als lokaal niveau in het beleid verankerd als natuurgebied met een hoge ambitie.

Wandelen

Waarom mogen wandelaars wel struinen? (grote groepen wandelaars zijn schadelijker voor natuur dan een paar MTB-ers of een ruiter)

Wandelaars verstoren de natuur het minst. Uit onderzoek blijkt dat mountainbikers, zolang ze op de paden blijven, geen grote verstorende invloed hebben op dieren en vogels. Gaan ze van de paden af kris kras door de natuur dan treedt er schade op aan kwetsbare natuur, dieren en vogels. (Bron: http://www.probos.nl/images/pdf/overig/Mountainbiken.pdf)

Mensen met een beperking of handicap

Wat kan ik doen om er voor te zorgen dat het rolstoelpad bij het bezoekerscentrum op verharde wijze op zo kort mogelijke termijn terug komt? 

Het asfalt van het gedeelte van de rolstoelroute was in zeer slechte staat en eigenlijk te smal voor rolstoelers en begeleiding. Om onderscheidend te zijn van de feitelijke fietsroutes, is gekozen voor een andere ondergrond dan asfalt, zodat rolstoelers voldoende ruimte krijgen. De keuze van het nu gebruikte materiaal (padvast) is in overleg met-, en met instemming van de Udense werkgroep ‘Drempels weg’ gegaan. Na verloop van tijd, zal dit geëvalueerd worden en eventuele knelpunten in het gebruikersoverleg worden besproken.

Wat is/wordt de veiligheid in het begrazingsgebied voor gehandicapten, gezinnen met kinderen, etc.

Zolang mensen zich aan de toegangsregels houden, hoeven ze zich geen zorgen te maken. Dat is in het kort: 50 m afstand houden, niet aaien en niet voeren. Als er kalfjes zijn, dan moeten mensen nog voorzichtiger zijn. Moeders verdedigen hun kalfjes (en veulens). Verder houdt de beheerder altijd de karakters van de individuele dieren in de gaten. Dieren die niet het juiste, publieksvriendelijke gedrag vertonen worden verwijderd.

Fietsen

Blijven de fietspaden die dwars door de Maashorst de verschillende dorpen met elkaar verbinden open?

Ja, er is vrij intensief gebruik van fiets voor woon-werkverkeer over de betreffende fietsdreven dwars door de Maashorst. De dreven blijven daarom als fietsverbinding bestaan en deze onderhouden we ook.

Klopt het dat de fietspaden die dwars door de (natuurkern) van de Maashorst lopen geen deel meer uitmaken van het fietsknooppuntennetwerk? Zo ja, waarom?

Ja dat klopt. De fietspaden die dwars door de (natuurkern) van de Maashorst lopen maken geen deel meer uit van de knooppunten. De bewegwijzerde routes liggen vooral in de natuurschil en sluiten aan op de woonkernen. De lokale bevolking die het gebied kent kan wel gewoon gebruik maken van de fietspaden in de natuurkern om naar het werk te gaan of om te recreëren. Voor hen zijn de knooppunten niet noodzakelijk, want zij kennen het gebied. De toeristen van buitenaf worden geconcentreerd aan de randen van het gebied om het doel van extensieve recreatie in de natuurkern te bewerkstelligen.

Welke fietspaden worden er verbreed/geasfalteerd?

De fietspaden in het ‘Rondje Maashorst’ zijn op een breedte van 2,25m gebracht, omdat we hier de recreatie willen concentreren. Hierdoor kan de recreatieve fietser nu een volledige fietstocht door (de schil van) de Maashorst maken zonder dat hij dwars door de kern komt.

De fietspaden Zeeland – Nistelrode en Uden – Schaijk worden niet verbreed, omdat deze vooral voor de lokale bevolking zijn voor o.a. het woon-werkverkeer.

Mountainbiken

Kunnen er MTB-tochten door het begrazingsgebied plaatsvinden?

Het IBeP gaat ervan uit dat toertochten kunnen blijven plaatsvinden en dat incidenteel kan worden afgeweken van de vaste routes. Elke terreinbeheerder (gemeente of SBB) maakt zelf de afweging of deze kan plaatsvinden en onder welke voorwaarden.

 Hoe zit het met de aanleg van ruiterroutes in Herperduin?

De werkzaamheden in dit deel van De Maashorst zijn voorlopig stil gelegd, omdat de Stichting Ruiters en menners heeft aangegeven dat zij de schil waarin de meeste routes zouden lopen te beperkt vinden. Zij willen overal kunnen rijden, ook buiten de routes. Dit is onderwerp van gesprek in het gebruikersoverleg.

 Honden

Waar komen de hondenlosloopgebieden?

In de natuurschil zijn honden losloopgebieden, bij de woonkernen en recreatieve poorten.

 Waarom heeft de gemeente Bernheze een hondenuitlaatgebied (losloop) van ruim 100 ha?

Van oudsher komen er veel hondenbezitters naar het Bomenpark. Het beleid van de gemeente Bernheze is dat honden in het buitengebied niet aangelijnd hoeven te zijn. Aangezien het Maashorstdeel van de gemeente Bernheze in het buitengebied van de gemeente ligt is dit deel helemaal aangewezen als hondenlosloopgebied.

Waarom mag ik niet met een elektronisch aangelijnde hond in het begrazingsgebied?

De rechter oordeelt dat het woord ‘aanlijnen’ taalkundig gezien het ‘fysiek gebruik van een lijn, de hondenriem is, die de hondenbezitter in zijn hand heeft en die aan het andere einde aan de halsband om de hals van de hond is bevestigd’. Bij het gebruik van de stroomband is geen hondenriem betrokken. Overigens zijn voor het elektronisch aanlijnen een aantal nadelen te noemen voor zowel de omgeving als voor de hond zelf. Nadelen zijn bijvoorbeeld dat de stroomband niet het gewenste effect heeft wanneer de batterijen op zijn of wanneer de hond uit het zicht raakt of wanneer de hond door de toegediende pijnprikkel op de vlucht slaat of agressief reageert. Verder wordt verwezen naar https://hondenbescherming.nl/media/cms_page_media/67/Standpunt_HB_Elektronisch%20aanlijnen_1.pdf

Kan het aantal loslopende honden niet worden terug gedrongen?

Het los laten lopen van honden buiten een hondenlosloopgebied heeft te maken met het gedrag van de hondenbezitter. Door middel van voorlichting proberen we dit gedrag te veranderen. Als dit niet werkt, dan kan er beboet worden.

2. Toegankelijkheid

Wat verandert er precies (hoe was het, hoe wordt het) in de fysieke afscheiding en toegangsmogelijkheden tussen de natuurkern en eerste schil. Daarbij graag in ieder geval uitleg over type en hoogte van de omheining, wildroosters, aantal toegangen voor wandelaars, aantal toegangen voor fietsers, menners en ruiters.

Op plekken waar de route het raster kruist staat een toegangspoortje of wildrooster. Zie routekaart.

Bij de oude begrazingsgebieden was/is het raster op verschillende plaatsen niet meer in goede staat en is daarom vervangen of wordt nog vervangen. Momenteel zijn de werkzaamheden aan het raster opgeschort. De werkzaamheden betreffen:

Raster

Het raster wordt vervangen en geschikt gemaakt voor Exmoor pony’s, taurossen en wisenten. De constructie is hetzelfde, maar nu met 3 stroomdraden op 60, 90 en 120 cm, i.p.v. zoals bij het oude raster 5 draden op ongeveer 15, 30, 50, 75 en 100 cm. Wel 20 cm hoger vanwege de grotere grazers. Het kleinere wild kan het raster makkelijker passeren nu de onderste 2 draden niet meer nodig zijn.

De plaats van het raster wordt zo gekozen dat het raster goed herkend wordt door de grazers en dat het raster op veilige afstand staat van paden en routes. Wat een veilige afstand is, is voorgeschreven door overheid en gemeenten. Het raster wordt gecontroleerd en gecertificeerd op constructie en veiligheid door Gallagher.

Poorten

Voor de toegangen is door de gemeenten gekozen voor houten poorten i.v.m. de uitstraling volgens eenzelfde Maashorststijl. Voor de fietspaden hebben de gemeenten ervoor gekozen om de storingsgevoelige stroommatten te vervangen door veeroosters.

De locaties van de doorgangen en veeroosters worden door de gemeenten en Staatsbosbeheer gekozen. Hierbij wordt rekening wordt gehouden met toegang voor recreantengroepen, beheerders en calamiteitendiensten. In de oude begrazingsgebieden komen in het nieuwe raster in ieder geval evenveel wandel- en fietspoorten (bij de fietspaden) als voorheen. Daar waar het raster wordt vernieuwd, blijven de huidige doorgangen in ieder geval gehandhaafd. Daar waar het raster wordt verzet, is het natuurlijk maatwerk.

Met de aanleg van men- en ruiterroutes worden de oude begrazingsgebieden voor het eerst toegankelijk gemaakt voor ruiters en menners. Er zijn men- en ruiterpoorten geplaatst. De poorten zijn samen met een afvaardiging van menners, ruiters en rolstoelgebruikers getest en verbeterd.

 Hoe toegankelijk is de Maashorst eigenlijk?

De Maashorst is en blijft dus open voor recreanten met in de schil een intensief routenetwerk. We willen een Maashorst waar zo veel mogelijk mensen van kunnen genieten, met in de kern (het begrazingsgebied) ruimte voor extensieve vormen van recreatief gebruik. Wandelaars mogen overal struinen, ook in de kern. Zo kan ook de natuurvorser genieten van de rust en de stilte en kan de natuur zich volop ontwikkelen.

3.Recreatie in combinatie met grote grazers:

 De ‘veilige’ afstand tot de grote grazers bedraagt 50 m. Wie is ervoor verantwoordelijk als dat om de een of andere reden niet is gelukt, en er gebeurt iets dramatisch? Mijns inziens kan deze niet afgewend worden op de recreant.

Daar is de  Nederlandse wet en jurisprudentie heel duidelijk over. De diereigenaar is altijd aansprakelijk, ook als de mens eigenlijk fout zat. De beheerder doet er dan ook alles aan om risico’s zo klein mogelijk te houden.

 Bezoekers dienen 50 meter afstand te houden. Hoe doe je dat indien wisenten midden op het fietspad gaan liggen?

Waar het kan met een flinke boog eromheen, waar die ruimte het niet toelaat om een afstand van 50 meter te bewaren, omdraaien en een andere route kiezen of wachten totdat het dier vertrekt.

 Wat is de toegankelijkheid voor recreanten van het wisentengebied op de Veluwe?

De wisenten op de Veluwe lopen grotendeels in de veiligheidszone rondom het militaire schietterrein de Harskamp. Er kunnen afzwaaiende bommen en granaten terecht komen. Het gebied is tevens rustgebied voor edelhert en om beide redenen al zeer lang niet toegankelijk. Dat gaat uiteraard niet veranderen (tenzij bijvoorbeeld defensie de Harskamp verlaat….). Dit maakt dat de Veluwe niet dezelfde protesten kent als de Maashorst.

Op de Veluwe is na 5 jaar het wisentproject geëvalueerd. Uit deze evaluatie blijkt dat de wisentkudde bijdraagt aan natuurontwikkeling, wildernisbeleving en het behoud van deze bijzondere diersoort.

Wat is de hoogte van de spanning op het raster? Houdt het de dieren tegen?

De stroom op het raster is 4000 V en daarmee voldoende om de dieren binnen te houden. Niet voor niets reageren de wisenten anders naar mensen achter de draad dan naar mensen in het terrein. Ze weten dat de draad ook voor mensen een barrière is en hebben er zelf veel/voldoende ontzag voor. Op plekken waar de dieren veel naar eikels gezocht hebben, gaan de sporen ook zorgvuldig tot aan de draad, maar er niet onderdoor. Dat laatste zou je verwachten als ze geen ontzag hebben voor de stroomdraad. Bij prikkeldraad is dat immers heel gebruikelijk. Blijkbaar is de huidige spanning en stroom voldoende. Op het schrikdraadraster van het Kraansvlak staat ook circa 4000 V.

Overigens is het nu nog de oude schrikdraadapparatuur die voor de stroom op de schrikdraad zorgt. Er komt een nieuwe, krachtiger kast, die het hele raster in een keer van stroom kan voorzien. Mogelijk dat er dan meer vermogen op de draad komt.

Grote grazers  in de natuurkern

Welke Grote Grazers zijn er ingezet?

Er is een combinatie van wisenten, taurossen en Exmoor pony’s uitgezet als wilde grazers; specifiek uitgekozen op de gewenste landschapsvorming en gewenste recreatie. Dit trio levert de beste resultaten voor een wildere natuur.

Waarom de keuze voor deze rassen?

Deze grote grazers zijn specifiek gekozen op het verkrijgen van de gewenste landschapsvorming en gewenste recreatie. De exmoor pony’s, taurossen en wisenten zijn alle drie rassen die geschikt zijn voor begrazing op het zand- en kalklandschap van de Maashorst. Daarnaast zijn de rassen jaarrond zelfredzaam d.w.z. dat zij doorgaans geen menselijke hulp nodig hebben in de vorm van bijvoorbeeld toedienen van medicijnen of voedsel, en hulp bij bevalling. De dieren kunnen jaarrond buiten leven, ze leven in natuurlijke sociale kuddes. Niet alleen past hun uiterlijk bij wildernisnatuur, maar ook hun gedrag past goed bij voor het publiek toegankelijke natuur. De keuze voor wisenten, Exmoor pony’s en taurossen betekent het afbouwen van de inzet van Schotse Hooglanders en IJslandpony’s, zodat op den duur in het gehele begrazingsgebied dezelfde rassen lopen.

Wat is de invloed op flora- en faunabeheer van deze rassen?

Wisenten, runderen, paarden en kleinere herbivoren zoals reeën en konijnen vertonen ieder hun eigen gedrag. Paarden grazen de graslanden kort af en hebben voor een goede spijsvertering ook dor gras nodig. Runderen eten meer mals gras en daarnaast veel twijgen. Wisenten grazen minder dan beide andere soorten en eten bladeren en jonge uitlopers en schillen meer bomen en struiken. Reeën zijn meer knabbelaars aan struiken en konijnen houden van kort gras. Samen zorgen alle grazers er voor dat er een gevarieerd landschap ontstaat met bomen, struiken en graslanden. Wisenten nemen veel zandbaden in het gebied, waar tal van pioniersoorten van profiteren.

 Wat is Stichting Taurus?

Stichting Taurus, maakten zich sterk voor het terugfokken van een rund met zoveel mogelijk kenmerken als die van het oerrund, onder de naam Tauros. Het in 1627 uitgestorven oerrund keert hiermee in een nieuwe vorm terug in Europa. Door zelfredzame runderrassen als Maremmana, Maronesa, Sayaguesa, Limia en Tudanca met elkaar te kruisen, is het resultaat de  Tauros. 

 Is er een relatie tussen de introductie van de grote grazers en de bosomvorming welke een aantal jaren geleden heeft plaatsgevonden?

Ja, een aantal jaren geleden zijn de gemeenten en Staatsbosbeheer overgestapt op een wijze van bosontwikkeling die leidt tot meer natuurlijk bos. De komende jaren is de focus voor inrichting en beheer gelegd op het op gang brengen van natuurlijke processen. Daarvoor is en wordt een aantal instrumenten ingezet zoals de grote grazers en de bosontwikkeling. Het beheer door grazers in de natuurkern en menselijk beheer in de natuurschil zorgen ervoor dat alle fasen van de bosontwikkeling verspreid in het gebied aanwezig zijn. (Bron: IBeP)